Zoals velen van jullie ongetwijfeld weten, zijn wij geen sterren in terug-mailen. Als je geluk hebt, mailen we binnen zes maanden terug, maar als je pech hebt, staat je bericht een jaar in onze inbox te wachten op antwoord. En dat, terwijl we het zelf zo leuk vinden om e-mail te ontvangen! Als we 's ochtends de computer aanzetten en onze inbox geeft de melding "Er zijn geen nieuwe berichten op de server", dan reageert Robin teleurgesteld: "Niemand houdt meer van ons!" Dan proberen we nog even onze andere drie inboxen en dan kunnen we onszelf meestal wel troosten met een e-mail van Vistaprint, Hallmark of Bol.com. Is die ongewenste reclame toch nog ergens goed voor.
Onze inbox is dus een ramp. Met 151 onbeantwoorde e-mails erin is het lastig om het overzicht te bewaren. Overigens zijn wel alle e-mails gelezen en het feit dat ze nog in de inbox staan en niet naar de map 'klaar' zijn verplaatst, betekent dat we de intentie hebben om ze nog te beantwoorden.
Waarschijnlijk moet de oorzaak gezocht worden in het feit dat we allebei uitstellers zijn. We werken met deadlines en presteren niet zonder druk. Dus als iemand in z'n e-mail zet: "ik moet vóór dan-en-dan antwoord hebben," dan kunnen we daar iets mee en zijn we ook (meestal) op tijd met terug mailen. Maar een gezellig praatje over koetjes en kalfjes (wat we overigens heel erg leuk vinden) vraagt niet om een directe reactie en blijft meestal staan terwijl we allebei denken: dat komt nog wel.
Sommige mensen zijn echte sterren in terug-mailen. Dan stuur je ze een e-mail en dan weet je zeker dat je diezelfde dag nog een e-mail terug hebt. Erg lovenswaardig vind ik dat. En dan ligt de figuurlijke 'bal' weer bij ons, waarschijnlijk weer een maand of zes te wachten voordat hij weer teruggeschoten wordt. Op die manier schiet het opruimen van de inbox natuurlijk niet echt op.
Anyway, ik had vandaag dus duidelijk geen inspiratie voor een zinnig stukje, dus vandaar bovenstaande overdenking. Wat ik tenslotte nog wil zeggen is: Hou vol! Geef niet op! Verlies de moed niet! We houden van jullie allemaal en zijn jullie echt niet vergeten! Hopelijk is het een troost dat we vaker aan jullie denken dan dat jullie een e-mail van ons ontvangen.
maandag 9 augustus 2010
maandag 2 augustus 2010
Wachten
We hebben zojuist voor de zoveelste keer onze verhuisdatum aangepast. 09-09: makkelijk te onthouden. Niet dat we al een huis hebben gevonden, maar in het volste vertrouwen dat we eind deze maand iets geschikts gaan vinden, hebben we alvast een datum geprikt.
In Nederland plan je dat soort dingen máánden van tevoren en moet je ruim van tevoren een verhuisbedrijf regelen. Hier bel je 's avonds een verhuisbedrijf en de volgende morgen staan ze bij je op de stoep.
Zo ging het ook met vliegtickets: ik belde om vier uur naar het reisbureau om te vragen of ze nog tickets naar Hong Kong hadden, een half uur later stonden ze ons met de tickets op te wachten op het vliegveld.
Is ons drinkwater op? Een belletje naar het waterbedrijf en tien minuten later staat een waterbezorger voor de deur met 40 liter vers drinkwater.
Een lekkende gootsteen of een afvoerbuis die vervangen moet worden? Vijf minuten na ons telefoontje zit onze vertrouwde reparatievriend in de keuken te knutselen (om uiteindelijk 1 of 2 Euro te rekenen voor de totale klus, inclusief voorrijkosten, man-uren en materiaal).
Naar het ziekenhuis voor bijvoorbeeld een MRI? Je loopt het gebouw binnen, meldt je bij de balie en een half uur later lig je in het apparaat en weer een half uur later kun je de uitslag in ontvangst nemen.
Van wachtlijsten heb ik hier nog nooit gehoord. De mensen hier zijn daar ook niet goed in: wachten. Als ik bij de bakker, bij het postkantoor of bij de bushalte gewoon op mijn beurt zou wachten, zou ik nooit aan de beurt komen, want mensen dringen continu voor. Ook in de wachtrij voor een rood verkeerslicht schiet er vaak een auto over de baan voor rechtsaf, om zijn auto vervolgens vóóraan de wachtende rij auto's te plaatsen (nog vóór de witte stopstreep). Niemand die zich daar aan stoort.
Als ik vlees op de markt koop, dan ligt dat soms al een halve dag ongekoeld en onbedekt op een marktkraam. Niet zo fris, zouden wij Nederlanders zeggen. Maar aan de andere kant: als ik zo'n stukje vlees koop, dan weet ik in ieder geval zeker dat dat varken diezelfde ochtend nog leefde. Hoe lang is die productie- en vervoersketen in Nederland wel niet?
Met andere woorden: het is een directe maatschappij en de stap naar de consument is relatief klein. Dat het een directe maatschappij is, blijkt ook uit het feit dat rekeningen direct betaald moeten worden, geen facturen achteraf of ongewenste afschrijvingen. Veel mensen hebben hier niet eens een bankrekening.
Soms wel lastig, die contante maatschappij. Want wanneer we bijvoorbeeld de jaarlijkse huur van ons appartement moeten betalen, dan komen er 168 biljetten van 100 Yuan op tafel (100 Yuan is het grootste bankbiljet, maar is omgerekend slechts 10 Euro waard).
Maar in de meeste gevallen vind ik het wel handig, want je weet meteen waar je aan toe bent en hebt geen onverwachte financiële tegenvallers achteraf.
Klik hier voor de foto's van de maand juli
In Nederland plan je dat soort dingen máánden van tevoren en moet je ruim van tevoren een verhuisbedrijf regelen. Hier bel je 's avonds een verhuisbedrijf en de volgende morgen staan ze bij je op de stoep.
Zo ging het ook met vliegtickets: ik belde om vier uur naar het reisbureau om te vragen of ze nog tickets naar Hong Kong hadden, een half uur later stonden ze ons met de tickets op te wachten op het vliegveld.
Is ons drinkwater op? Een belletje naar het waterbedrijf en tien minuten later staat een waterbezorger voor de deur met 40 liter vers drinkwater.
Een lekkende gootsteen of een afvoerbuis die vervangen moet worden? Vijf minuten na ons telefoontje zit onze vertrouwde reparatievriend in de keuken te knutselen (om uiteindelijk 1 of 2 Euro te rekenen voor de totale klus, inclusief voorrijkosten, man-uren en materiaal).
Naar het ziekenhuis voor bijvoorbeeld een MRI? Je loopt het gebouw binnen, meldt je bij de balie en een half uur later lig je in het apparaat en weer een half uur later kun je de uitslag in ontvangst nemen.
Van wachtlijsten heb ik hier nog nooit gehoord. De mensen hier zijn daar ook niet goed in: wachten. Als ik bij de bakker, bij het postkantoor of bij de bushalte gewoon op mijn beurt zou wachten, zou ik nooit aan de beurt komen, want mensen dringen continu voor. Ook in de wachtrij voor een rood verkeerslicht schiet er vaak een auto over de baan voor rechtsaf, om zijn auto vervolgens vóóraan de wachtende rij auto's te plaatsen (nog vóór de witte stopstreep). Niemand die zich daar aan stoort.
Als ik vlees op de markt koop, dan ligt dat soms al een halve dag ongekoeld en onbedekt op een marktkraam. Niet zo fris, zouden wij Nederlanders zeggen. Maar aan de andere kant: als ik zo'n stukje vlees koop, dan weet ik in ieder geval zeker dat dat varken diezelfde ochtend nog leefde. Hoe lang is die productie- en vervoersketen in Nederland wel niet?
Met andere woorden: het is een directe maatschappij en de stap naar de consument is relatief klein. Dat het een directe maatschappij is, blijkt ook uit het feit dat rekeningen direct betaald moeten worden, geen facturen achteraf of ongewenste afschrijvingen. Veel mensen hebben hier niet eens een bankrekening.
Soms wel lastig, die contante maatschappij. Want wanneer we bijvoorbeeld de jaarlijkse huur van ons appartement moeten betalen, dan komen er 168 biljetten van 100 Yuan op tafel (100 Yuan is het grootste bankbiljet, maar is omgerekend slechts 10 Euro waard).
Maar in de meeste gevallen vind ik het wel handig, want je weet meteen waar je aan toe bent en hebt geen onverwachte financiële tegenvallers achteraf.
Klik hier voor de foto's van de maand juli
maandag 26 juli 2010
Rijbewijs en visa
De blog-post van vorige week moest natuurlijk nog een vervolg krijgen, want anders weten jullie niet hoe het afgelopen is met mijn rijbewijs en met onze visa.
Om te beginnen mijn rijbewijs. Ik ging op dinsdag om 9.00 uur de deur uit, hopend dat het allemaal snel achter de rug zou zijn en ik ruim voor de lunch thuis zou zijn; Robin zou tenslotte eind van de middag naar Hong Kong vliegen. Eenmaal bij het gebouw van de Traffic Police aangekomen kwam ik er al gauw achter dat ik een vertaling van mijn Nederlandse rijbewijs moest laten maken, wat ergens midden in de stad moest gebeuren. Dat was een nieuwe regel, want dat had Robin vorig jaar niet hoeven doen. Anderhalf uur later stond ik opnieuw op de stoep bij de Traffic Police, mét de vertaling van mijn rijbewijs. Tegen twaalf uur waren eindelijk alle formaliteiten achter de rug en was ik er helemaal klaar voor om de test te gaan doen. Kom ik bij de balie, krijg ik te horen dat het van 12.00 tot 13.30 xiuxi is, middagpauze dus. Om 14.30 was de test achter de rug en met 97 uit 100 punten kon ik om 15.30 als de trotse eigenaar van een rijbewijs ons huis weer binnenstappen.
Nu even rust, dacht ik, want al met al was het best een gestresste dag geweest. Robin was nog de laatste spulletjes aan het pakken en zou om 16.00 een taxi pakken naar het vliegveld. Om 15.45 belde een vriend met de mededeling dat het niet voldoende zou zijn als alleen Robin naar Hong Kong zou gaan voor onze visa: we moesten met z'n allen. Om 15.50 belde ik met de ambassade in Hong Kong, die het vermoeden van onze vriend bevestigde. Om 16.00 belde ik met onze travel agent om te vragen of er nog stoelen bechikbaar waren op de vlucht naar Hong Kong en om 16.10 was de boeking rond. In 15 minuten de koffers volgegooid en om 16.30 stonden we buiten met onze koffers op zoek naar een taxi, die we overigens pas na 15 minuten vonden. Om 17.05 namen we op het vliegveld onze tickets in ontvangst van onze travel agent en betaalden er contant voor. Om 17.30 zaten we met z'n viertjes in het vliegtuig op weg naar Hong Kong.
Dit was misschien wel de meest gestresste anderhalf uur van mijn leven.
Maar toen we eenmaal in het vliegtuig zaten konden we weer opgelucht ademhalen en waren we blij dat we het gehaald hadden. En toen realiseerden we ons ook dat we ons fototoestel vergeten waren. Balen!
We hadden natuurlijk geen tijd gehad om een hotel te boeken, zodoende belandden we pas om 23.00 op de kamer van een jeugdherberg en deed Juda om 23.30 pas zijn oogjes dicht, arme jongen dat hij zulke ouders heeft (Zoë was gelukkig al eerder in slaap gevallen).
Hong Kong was overweldigend: was dit echt hetzelfde land als waar wij in wonen? Zo modern, zo mooi, zo schoon. Het leek meer op Singapore, of misschien zelfs wel Londen! Helaas regende het de twee dagen die we er doorbrachten, waardoor we niet zoveel hebben kunnen zien als we hadden willen zien. Maar toch hebben we ervan genoten.
Minpuntje is dat we niet het visum kregen waar we op gehoopt hadden. We hadden gerekend op een visum voor 1 jaar en kregen een visum voor twee keer 30 dagen. Over 30 dagen moeten we dus het land uit en over 2 maanden moeten we weer een nieuw visum regelen. Een kostbare, tijdrovende en vermoeiende bezigheid: dat reizen met een peuter en een dreumes. We hadden allebei het gevoel dat we op onze motivatie werden getest: hebben we dit geld, deze tijd en deze energie ervoor over om in dit land te kunnen wonen? Zou het niet veel makkelijker zijn om in Thailand, Brazilië of Spanje te gaan wonen? Maar nee, we gáán ervoor en we weten dat we niet alleen staan. Ook deze situatie is in Zijn handen en Hij heeft er vast een bedoeling mee.
Klik hier om de foto's van onze trip naar het noorden van onze provincie te bekijken
Om te beginnen mijn rijbewijs. Ik ging op dinsdag om 9.00 uur de deur uit, hopend dat het allemaal snel achter de rug zou zijn en ik ruim voor de lunch thuis zou zijn; Robin zou tenslotte eind van de middag naar Hong Kong vliegen. Eenmaal bij het gebouw van de Traffic Police aangekomen kwam ik er al gauw achter dat ik een vertaling van mijn Nederlandse rijbewijs moest laten maken, wat ergens midden in de stad moest gebeuren. Dat was een nieuwe regel, want dat had Robin vorig jaar niet hoeven doen. Anderhalf uur later stond ik opnieuw op de stoep bij de Traffic Police, mét de vertaling van mijn rijbewijs. Tegen twaalf uur waren eindelijk alle formaliteiten achter de rug en was ik er helemaal klaar voor om de test te gaan doen. Kom ik bij de balie, krijg ik te horen dat het van 12.00 tot 13.30 xiuxi is, middagpauze dus. Om 14.30 was de test achter de rug en met 97 uit 100 punten kon ik om 15.30 als de trotse eigenaar van een rijbewijs ons huis weer binnenstappen.
Nu even rust, dacht ik, want al met al was het best een gestresste dag geweest. Robin was nog de laatste spulletjes aan het pakken en zou om 16.00 een taxi pakken naar het vliegveld. Om 15.45 belde een vriend met de mededeling dat het niet voldoende zou zijn als alleen Robin naar Hong Kong zou gaan voor onze visa: we moesten met z'n allen. Om 15.50 belde ik met de ambassade in Hong Kong, die het vermoeden van onze vriend bevestigde. Om 16.00 belde ik met onze travel agent om te vragen of er nog stoelen bechikbaar waren op de vlucht naar Hong Kong en om 16.10 was de boeking rond. In 15 minuten de koffers volgegooid en om 16.30 stonden we buiten met onze koffers op zoek naar een taxi, die we overigens pas na 15 minuten vonden. Om 17.05 namen we op het vliegveld onze tickets in ontvangst van onze travel agent en betaalden er contant voor. Om 17.30 zaten we met z'n viertjes in het vliegtuig op weg naar Hong Kong.
Dit was misschien wel de meest gestresste anderhalf uur van mijn leven.
Maar toen we eenmaal in het vliegtuig zaten konden we weer opgelucht ademhalen en waren we blij dat we het gehaald hadden. En toen realiseerden we ons ook dat we ons fototoestel vergeten waren. Balen!
We hadden natuurlijk geen tijd gehad om een hotel te boeken, zodoende belandden we pas om 23.00 op de kamer van een jeugdherberg en deed Juda om 23.30 pas zijn oogjes dicht, arme jongen dat hij zulke ouders heeft (Zoë was gelukkig al eerder in slaap gevallen).
Hong Kong was overweldigend: was dit echt hetzelfde land als waar wij in wonen? Zo modern, zo mooi, zo schoon. Het leek meer op Singapore, of misschien zelfs wel Londen! Helaas regende het de twee dagen die we er doorbrachten, waardoor we niet zoveel hebben kunnen zien als we hadden willen zien. Maar toch hebben we ervan genoten.
Minpuntje is dat we niet het visum kregen waar we op gehoopt hadden. We hadden gerekend op een visum voor 1 jaar en kregen een visum voor twee keer 30 dagen. Over 30 dagen moeten we dus het land uit en over 2 maanden moeten we weer een nieuw visum regelen. Een kostbare, tijdrovende en vermoeiende bezigheid: dat reizen met een peuter en een dreumes. We hadden allebei het gevoel dat we op onze motivatie werden getest: hebben we dit geld, deze tijd en deze energie ervoor over om in dit land te kunnen wonen? Zou het niet veel makkelijker zijn om in Thailand, Brazilië of Spanje te gaan wonen? Maar nee, we gáán ervoor en we weten dat we niet alleen staan. Ook deze situatie is in Zijn handen en Hij heeft er vast een bedoeling mee.
Klik hier om de foto's van onze trip naar het noorden van onze provincie te bekijken
maandag 19 juli 2010
Spannende zakeligheden
In het noord-westen van onze provincie, op zo'n 12 uur rijden van Lente Stad, ligt op 4000 meter hoogte een stadje waarvan de meeste inwoners behoren tot de groep der T*anen (verwant aan die opstandige provincie ten noord-westen van ons). Een vriendin van ons is afgelopen jaar naar deze plek verhuisd om te gaan werken en het leek ons zó leuk om haar een keertje op te zoeken. Omdat wij binnenkort precies de andere kant op hopen te verhuizen (richting het zuid-oosten) en een reis naar dit stadje dan twee keer een dagreis zal gaan kosten, dachten we: het is nu of nooit! Vrienden van ons nodigden ons uit om ons op sleeptouw mee te nemen in hun bus en in het huis van vrienden, dus het werd een volledig verzorgde reis. Op maandagochtend ging de wekker om 5.45 uur (nadat we tot 5.15 uur voetbal hadden gekeken) en om 7.00 uur zaten we in de bus. De reis was in één woord: verchrikkelijk. Afgezette wegen, omleidingen, slechts één plaspauze, wagenzieke kinderen en héél veel hobbels, bobbels, kuilen en bochten. En precies om 19.00 uur 's avonds arriveerden we op de plaats van bestemming.
Het stadje was heel erg rustig, maar we zagen er wel een aantal westerse toeristen. Aangezien die opstandige provincie ten noord-westen van ons nogal moeilijk toegankelijk is, vormt dit stadje voor westerse backpackers een mooi alternatief om toch wat mee te pikken van de cultuur en het boeddhisme van de T*anen. Net buiten de stad ligt een enorm Boeddhistisch klooster waar 700 monniken wonen, midden in de stad staat een enorm gebedswiel en 's avonds wordt er op het plein door honderden mensen gedanst.
Maar voor ons was één van de hoogtepunten toch wel om het gezellige, oude huis (inclusief tuin, kippen en een hond) van onze vriendin te zien en tijd met haar door te brengen.
Het waren een paar heerlijke dagen en de dag om de terugreis te maken (vrijdag) brak veel te snel aan. Na een reis van 13 uur kwamen we totaal belabberd weer in Lente Stad aan. Mochten we ooit besluiten om terug te gaan, dan lassen we mooi een overnachting halverwege in.
En dan nu terugkomend op de titel van deze blog. Ik heb vandaag de hele dag geleerd voor mijn theoretisch rij-examen waarvoor ik morgenochtend een kans ga wagen. De antwoorden op ruim 1300 verkeersvragen in je kop stampen, het viel niet mee. Hopen dat alle moeite niet voor niks was en ik na morgenochtend eindelijk weer eens achter het stuur van een auto kan kruipen (dat is alweer 2,5 jaar geleden!).
Ondertussen is Robin een trip naar Hong Kong aan het voorbereiden, want volgende week dinsdag verloopt ons studentenvisum. Het lastige is dat niemand precies lijkt te weten hoe het zit met het aanvragen van een nieuw visum in Hong Kong en internet brengt ook geen uitkomst. Dus we gaan een gokje wagen door Robin morgenavond alleen op pad te sturen en nu maar hopen dat hij voor het hele gezin visa kan regelen.
We zouden het op prijs stellen als jullie aan ons willen denken!
Het stadje was heel erg rustig, maar we zagen er wel een aantal westerse toeristen. Aangezien die opstandige provincie ten noord-westen van ons nogal moeilijk toegankelijk is, vormt dit stadje voor westerse backpackers een mooi alternatief om toch wat mee te pikken van de cultuur en het boeddhisme van de T*anen. Net buiten de stad ligt een enorm Boeddhistisch klooster waar 700 monniken wonen, midden in de stad staat een enorm gebedswiel en 's avonds wordt er op het plein door honderden mensen gedanst.
Maar voor ons was één van de hoogtepunten toch wel om het gezellige, oude huis (inclusief tuin, kippen en een hond) van onze vriendin te zien en tijd met haar door te brengen.
Het waren een paar heerlijke dagen en de dag om de terugreis te maken (vrijdag) brak veel te snel aan. Na een reis van 13 uur kwamen we totaal belabberd weer in Lente Stad aan. Mochten we ooit besluiten om terug te gaan, dan lassen we mooi een overnachting halverwege in.
En dan nu terugkomend op de titel van deze blog. Ik heb vandaag de hele dag geleerd voor mijn theoretisch rij-examen waarvoor ik morgenochtend een kans ga wagen. De antwoorden op ruim 1300 verkeersvragen in je kop stampen, het viel niet mee. Hopen dat alle moeite niet voor niks was en ik na morgenochtend eindelijk weer eens achter het stuur van een auto kan kruipen (dat is alweer 2,5 jaar geleden!).
Ondertussen is Robin een trip naar Hong Kong aan het voorbereiden, want volgende week dinsdag verloopt ons studentenvisum. Het lastige is dat niemand precies lijkt te weten hoe het zit met het aanvragen van een nieuw visum in Hong Kong en internet brengt ook geen uitkomst. Dus we gaan een gokje wagen door Robin morgenavond alleen op pad te sturen en nu maar hopen dat hij voor het hele gezin visa kan regelen.
We zouden het op prijs stellen als jullie aan ons willen denken!
maandag 12 juli 2010
8 jaar lief en leed
8 jaar en twee dagen geleden gaven Robin en ik elkaar het ja-woord. Als ik nu terugkijk naar onze trouwfoto's, dan denk ik: wat een broekies! Wat wisten wij van de wereld? Ik was net 20, Robin was bijna 25. Het was een sprong in het diepe: je kunt gewoon niet overzien wat het inhoudt om elkaar het ja-woord te geven voor misschien wel 60 jaar.Al 8 jaar lang verbaas ik me over Robins sloomheid 's ochtends vroeg, moet ik m'n hoofd achterin m'n nek leggen om hem een kus te geven, erger ik me aan de actie-films die hij kijkt en aan zijn gebrek aan motivatie om de afwas te doen.
Maar ook al 8 jaar lang mag ik genieten van zijn onzelfzuchtigheid, van zijn geduld, van zijn grapjes, van zijn verrassingen en van zijn wijsheid en inzicht.Toen ik Robin bijna 10 jaar geleden voor het eerst ontmoette, kon ik me geen lievere, grappigere en zorgzamere man voorstellen. En nog steeds kan ik dat niet: hij mijn maatje, mijn beste vriend.
Toen ik Robin vorige week vroeg of we iets leuks zouden gaan doen op onze trouwdag, reageerde hij niet al te enthousiast. Een beetje teleurgesteld dacht ik: dan ga ik zelf wel wat regelen. Dus afgelopen vrijdag belde ik vrienden van ons op om te vragen of zij op zaterdagavond op de kinderen wilden passen. Mijn vriendin zei: "Tuurlijk willen we dat, maar Robin heeft me van de week ook al gevraagd of jullie op zaterdagochtend om 10 uur de kinderen af mogen leveren." Haha, we waren dus blijkbaar allebei bezig om een verrassing voor elkaar te regelen. Uiteindelijk besloten we om Robins plan ten uitvoer te brengen en gingen we, nadat we 's ochtends de kinderen bij onze vrienden hadden afgezet, de stad in voor een kopje koffie, een heerlijke lunch en jawel, een paar uurtjes winkelen. Robin had zichzelf afgevraagd: wat zou Tanja nu echt leuk vinden?, en kwam tot de conclusie dat dat winkelen moest zijn. En daarin had hij gelijk: sinds we kinderen hebben kom ik er zelden of nooit aan toe om eens lekker de tijd te nemen om te gaan winkelen. Dus dit was een aangename verrassing en we hebben het er lekker van genomen om een paar uurtjes met z'n tweeën te zijn. Om vier uur 's middags pikten we de kinderen weer op: ook zij hadden een geweldige tijd gehad en hadden superlief gespeeld.
Op naar de 9 jaar!
maandag 5 juli 2010
Voetbal
Even een raadspelletje: wat betekenen de onderstaande woorden?
Yuehan Haitingjia, Weisili Sinaide, Luobin Fanpeixi, Aeryan Luoben.
Hopelijk kostte het niet te veel moeite om de namen van 'onze jongens' te ontcijferen. Ongetwijfeld zal Nederland op het moment volledig in het teken staan van Oranje en daarom kon dit stukje ook over niks anders gaan dan voetbal.
Ja, hier in Lente Stad zit de stemming er ook goed in. Hoewel het team van dit land zichzelf niet geplaatst had voor het wereldkampioenschap, leeft iedereen hier enthousiast mee en elke willekeurige persoon die we op straat ontmoeten is op de hoogte van het hoge spelniveau van Helan Dui (het Nederlands elftal).
Als we geluk hadden, konden we om half acht of tien uur 's avonds kijken. Hadden we pech, dan moesten we (lees Robin) om half drie 's nachts ons bed uit om het elftal aan te moedigen. Bijgestaan door Amerikaanse vrienden, gehuld in oranje, zocht Robin meestal een bar op om te kijken, terwijl ik thuis via internet de wedstrijden volgde.
De volgende wedstrijd is dus weer om half drie 's nachts. Lastig, lastig, lastig: aan de ene kant kan ik m'n nachtrust goed gebruiken, aan de andere kant vindt het WK maar één keer in de vier jaar plaats en bovendien is het 12 jaar geleden dat Oranje voor het laatst in de halve finale van het WK stond. Een zeldzame gebeurtenis dus, die je eigenlijk niet mag missen.
Anyway, ik wens jullie veel kijkplezier morgenavond en we zullen er maar het beste van hopen.
Yuehan Haitingjia, Weisili Sinaide, Luobin Fanpeixi, Aeryan Luoben.
Hopelijk kostte het niet te veel moeite om de namen van 'onze jongens' te ontcijferen. Ongetwijfeld zal Nederland op het moment volledig in het teken staan van Oranje en daarom kon dit stukje ook over niks anders gaan dan voetbal.
Ja, hier in Lente Stad zit de stemming er ook goed in. Hoewel het team van dit land zichzelf niet geplaatst had voor het wereldkampioenschap, leeft iedereen hier enthousiast mee en elke willekeurige persoon die we op straat ontmoeten is op de hoogte van het hoge spelniveau van Helan Dui (het Nederlands elftal).
Als we geluk hadden, konden we om half acht of tien uur 's avonds kijken. Hadden we pech, dan moesten we (lees Robin) om half drie 's nachts ons bed uit om het elftal aan te moedigen. Bijgestaan door Amerikaanse vrienden, gehuld in oranje, zocht Robin meestal een bar op om te kijken, terwijl ik thuis via internet de wedstrijden volgde.
De volgende wedstrijd is dus weer om half drie 's nachts. Lastig, lastig, lastig: aan de ene kant kan ik m'n nachtrust goed gebruiken, aan de andere kant vindt het WK maar één keer in de vier jaar plaats en bovendien is het 12 jaar geleden dat Oranje voor het laatst in de halve finale van het WK stond. Een zeldzame gebeurtenis dus, die je eigenlijk niet mag missen.
Anyway, ik wens jullie veel kijkplezier morgenavond en we zullen er maar het beste van hopen.
maandag 28 juni 2010
Spoor van vervuiling en vernieling
Tijdens ons verblijf in Thailand viel het me op dat je als gezin met twee kleine kinderen een spoor van vervuiling en vernieling achterlaat. Thuis valt dat minder op, omdat het dan om onze eigen spullen gaat en omdat ons huis intussen aardig kids-bestendig is. Maar als je vier weken lang in hotelkamers verblijft en in restaurants eet, dan vraag je je af of het voor deze twee niet beter zou zijn om een kind-werend beleid te hebben.
Zo leenden we de eerste avond op het eiland een paraplu van de eigenaar van het resort en Juda wilde hem graag vasthouden. Nog geen seconde later waaide de paraplu door de lucht en stuiterde vervolgens een paar keer op de grond, terwijl ik er achteraan rende. En dat voor het oog van de eigenaar. Einde paraplu.
Na het avondeten was de eigenaresse van het restaurant zo vriendelijk om ons terug te brengen naar het resort in haar peperdure Jeep. Terwijl we op de leren achterbank zaten dacht ik: hmm… wat een vreemde lucht, om bij het uitstappen te ontdekken dat Juda in z’n broek gepoept had. Sorry aardige mevrouw.
De volgende ochtend bij het ontbijt grijpt Juda als eerste naar het leuke tafelnummerbordje met een palmboompje erop. Hoppa… palmboompje eraf gebroken. Hoe doet ie dat toch? Eenmaal goed en wel in de kinderstoel ontdekt Juda dat je met je vork hele leuke gaatjes in de placemat kunt prikken. En ook heel veel. “Nee Juda, dat mag je niet kapot maken. Dat vindt die mevrouw niet leuk.” Maar het kwaad is al geschied.
We zijn dus al zes maanden bezig met zindelijkheidstraining. Meestal gaat het goed, maar zo nu en dan gebeurt er nog wel eens een ongelukje. Op vakantie helaas vaker dan thuis. Zo stond Juda op de mooie stoffen bank uit het raam van de bungalow te kijken en vond het uitzicht blijkbaar zo boeiend dat hij z’n plasje liet lopen. Snel een doekje erbij om de schade te beperken, maar natuurlijk was het vocht al in de bank getrokken.
Ook toen we gezellig aan het natafelen waren en vergaten om Juda tussendoor naar de WC te brengen, ontdekten we bij het verlaten van het restaurant dat Juda een mooie natte plek op de stoffen zitting van de kinderstoel had achtergelaten. Oeps…
Het winkelen in de supermarkt duurt soms langer dan dat Juda’s blaas aankan en onder het winkelkarretje ligt op een gegeven moment een plasje. Met een rood hoofd zoek ik een vakkenvuller op een licht haar in over water op de grond in het naburige winkelpad. “Heel gevaarlijk, je kunt er zo over uitglijden.” Naar mijn mening voegde het op dat moment niet zoveel toe om te vermelden dat het mijn zoon was die een plasje op de winkelvloer had gedaan. Water ruimt toch wat fijner op dan plas :-)
Genoeg over Juda; Zoë kan er ook wat van. In de badkamer van één van de bungalows stonden wat grappige keramieken beeldjes op de grond, gezellig tussen wat stenen. What was I thinking? om niet meteen die beeldjes weg te halen en op een veilige plek neer te zetten? De eerste paar dagen speelden de kinderen er lief mee, maar vroeg of laat moest zo’n beeldje natuurlijk op de badkamertegels kapot geslagen worden.
In het volgende hotel lag vloerbedekking op de grond. Hoe verzinnen ze het? Zoë was lekker op de grond aan het spelen en ik kwam er net te laat achter dat ze een poepluier had. Intussen had ze zich al een paar keer schuivend met haar billen over de vloer verplaatst. Nee, nee nee! Schiet het door m’n hoofd. En daarna: jakkes, jakkes, jakkes, als ik kijk naar het resultaat. Met water en zeep weet ik de vlek aardig weg te werken, maar je wilt er echt niet over nadenken wat je naast limonade, snot en tranen nog meer achterlaat in het tapijt van zo’n hotelkamer.
En als laatste nog gistermiddag, toen we op bezoek waren bij vrienden. Vanuit mijn ooghoek zag ik dat Zoë lief aan het spelen was met een grote aardewerken vaas die op een stenen trapje stond. Steentjes erin gooien, steentjes eruit halen. Oké, je ziet wel risico’s, maar tegelijkertijd ben je blij dat ze lekker aan het spelen is en dat wij ongestoord een gesprek met onze vrienden kunnen hebben. En ja hoor: pats! Vaas aan gruzelementen. Balen, dat zag eruit als een dure vaas. Nu is onze vriendin zelf moeder van 14 kinderen en weet zij als geen ander dat je met kinderen in huis niet super-zuinig kunt zijn op je bank, tapijt en breekbare spullen. Dus ze slaat een arm om me heen en zegt: “Het geeft helemaal niks!” en vijf minuten later ben ik het incident alweer vergeten, omdat ik weet dat het ook inderdaad helemaal niks geeft.
Klik hier voor een aantal nieuwe foto's
Zo leenden we de eerste avond op het eiland een paraplu van de eigenaar van het resort en Juda wilde hem graag vasthouden. Nog geen seconde later waaide de paraplu door de lucht en stuiterde vervolgens een paar keer op de grond, terwijl ik er achteraan rende. En dat voor het oog van de eigenaar. Einde paraplu.
Na het avondeten was de eigenaresse van het restaurant zo vriendelijk om ons terug te brengen naar het resort in haar peperdure Jeep. Terwijl we op de leren achterbank zaten dacht ik: hmm… wat een vreemde lucht, om bij het uitstappen te ontdekken dat Juda in z’n broek gepoept had. Sorry aardige mevrouw.
De volgende ochtend bij het ontbijt grijpt Juda als eerste naar het leuke tafelnummerbordje met een palmboompje erop. Hoppa… palmboompje eraf gebroken. Hoe doet ie dat toch? Eenmaal goed en wel in de kinderstoel ontdekt Juda dat je met je vork hele leuke gaatjes in de placemat kunt prikken. En ook heel veel. “Nee Juda, dat mag je niet kapot maken. Dat vindt die mevrouw niet leuk.” Maar het kwaad is al geschied.
We zijn dus al zes maanden bezig met zindelijkheidstraining. Meestal gaat het goed, maar zo nu en dan gebeurt er nog wel eens een ongelukje. Op vakantie helaas vaker dan thuis. Zo stond Juda op de mooie stoffen bank uit het raam van de bungalow te kijken en vond het uitzicht blijkbaar zo boeiend dat hij z’n plasje liet lopen. Snel een doekje erbij om de schade te beperken, maar natuurlijk was het vocht al in de bank getrokken.
Ook toen we gezellig aan het natafelen waren en vergaten om Juda tussendoor naar de WC te brengen, ontdekten we bij het verlaten van het restaurant dat Juda een mooie natte plek op de stoffen zitting van de kinderstoel had achtergelaten. Oeps…
Het winkelen in de supermarkt duurt soms langer dan dat Juda’s blaas aankan en onder het winkelkarretje ligt op een gegeven moment een plasje. Met een rood hoofd zoek ik een vakkenvuller op een licht haar in over water op de grond in het naburige winkelpad. “Heel gevaarlijk, je kunt er zo over uitglijden.” Naar mijn mening voegde het op dat moment niet zoveel toe om te vermelden dat het mijn zoon was die een plasje op de winkelvloer had gedaan. Water ruimt toch wat fijner op dan plas :-)
Genoeg over Juda; Zoë kan er ook wat van. In de badkamer van één van de bungalows stonden wat grappige keramieken beeldjes op de grond, gezellig tussen wat stenen. What was I thinking? om niet meteen die beeldjes weg te halen en op een veilige plek neer te zetten? De eerste paar dagen speelden de kinderen er lief mee, maar vroeg of laat moest zo’n beeldje natuurlijk op de badkamertegels kapot geslagen worden.
In het volgende hotel lag vloerbedekking op de grond. Hoe verzinnen ze het? Zoë was lekker op de grond aan het spelen en ik kwam er net te laat achter dat ze een poepluier had. Intussen had ze zich al een paar keer schuivend met haar billen over de vloer verplaatst. Nee, nee nee! Schiet het door m’n hoofd. En daarna: jakkes, jakkes, jakkes, als ik kijk naar het resultaat. Met water en zeep weet ik de vlek aardig weg te werken, maar je wilt er echt niet over nadenken wat je naast limonade, snot en tranen nog meer achterlaat in het tapijt van zo’n hotelkamer.
En als laatste nog gistermiddag, toen we op bezoek waren bij vrienden. Vanuit mijn ooghoek zag ik dat Zoë lief aan het spelen was met een grote aardewerken vaas die op een stenen trapje stond. Steentjes erin gooien, steentjes eruit halen. Oké, je ziet wel risico’s, maar tegelijkertijd ben je blij dat ze lekker aan het spelen is en dat wij ongestoord een gesprek met onze vrienden kunnen hebben. En ja hoor: pats! Vaas aan gruzelementen. Balen, dat zag eruit als een dure vaas. Nu is onze vriendin zelf moeder van 14 kinderen en weet zij als geen ander dat je met kinderen in huis niet super-zuinig kunt zijn op je bank, tapijt en breekbare spullen. Dus ze slaat een arm om me heen en zegt: “Het geeft helemaal niks!” en vijf minuten later ben ik het incident alweer vergeten, omdat ik weet dat het ook inderdaad helemaal niks geeft.
Klik hier voor een aantal nieuwe foto's
maandag 21 juni 2010
Mode
Toen we ruim twee jaar geleden net waren gaan wonen in Lente Stad, verbaasde ik me over de kleding die mensen droegen. Ouderwets, tuttig, of juist met heel veel glitters. Als ik in de winkels op zoek ging naar leuke kleding, lukte het maar niet om te slagen en met iets 'normaals' thuis te komen. Intussen heb ik gelukkig de exportwinkels ontdekt, waar ik kleding van merken als Esprit, Diesel, H&M, C&A en Levi's tegen spotprijzen kan kopen (alles wordt tenslotte hier gemaakt). Het fijne van kleding in export-winkels is ook dat ik weer eens met een gerust hart naar maatje M kan grijpen; in de lokale shops komen de winkelbediendes al gauw aan met maatje XL of XXL. Oké, de mensen hier zijn niet alleen dunner, maar ook veel kleiner, dus ik ben in dit land inderdaad niet medium-sized.
Maar de laatste maanden vind ik eigenlijk dat de mensen er hier helemaal niet meer zo verschrikkelijk bij lopen. Eigenlijk best normaal (met uitzondering van de zwangeren in pyjama's) en soms zelfs echt leuk.
Oh nee! Ik ben er toch niet aan gewend geraakt hè? Zijn mijn maatstaven soms veranderd? Ben ik één van hen geworden?
Voordat we uit Nederland vertrokken zeiden Robin en ik wel eens tegen elkaar: "Als we maar niet van die geiten-wollen-sokken-types worden!" Niet dat er iets mis is met geiten-wollen-sokken, maar je weet wat ik bedoel: zo iemand uit het jaar 0. Nee, we hebben nu eenmaal niet de invloed van TV en winkels, die ons laten zien wat de Nederlandse mode is. En ja, ongetwijfeld zullen we ons langzaam maar zeker aanpassen aan de standaard van Lente Stad.
En dus houd ik mijn hart vast voor als we volgend jaar weer in Nederland aankomen. Zal ik me erover verbazen hoe mensen zich kleden? Een vriendin die na één jaar Lente Stad weer voor twee weken in Nederland was, verbaasde zich erover hoe belangrijk kleding en uiterlijk zijn in Nederland. Kun je nagaan hoe snel je zoiets vergeet: één jaartje!
Misschien is een total make-over wel een goed idee. Dan schrijf ik van tevoren een brief naar een vrouwenblad als Eva of Kinderen en dan kunnen zij me weer op het rechte pad zetten. Of zijn er misschien vriendinnen of familieleden die me tegen die tijd in willen lichten?
Hoe dan ook, ik heb nog bijna een jaar voordat ik me druk moet gaan maken over dat soort zaken. Voorlopig geniet ik nog even van het onbezorgd zijn en draag ik geen make-up, ga ik niet naar de kapper, vergeet ik wel eens om mijn benen te scheren en loop ik lekker op mijn slippertjes naar de markt.
Maar de laatste maanden vind ik eigenlijk dat de mensen er hier helemaal niet meer zo verschrikkelijk bij lopen. Eigenlijk best normaal (met uitzondering van de zwangeren in pyjama's) en soms zelfs echt leuk.
Oh nee! Ik ben er toch niet aan gewend geraakt hè? Zijn mijn maatstaven soms veranderd? Ben ik één van hen geworden?
Voordat we uit Nederland vertrokken zeiden Robin en ik wel eens tegen elkaar: "Als we maar niet van die geiten-wollen-sokken-types worden!" Niet dat er iets mis is met geiten-wollen-sokken, maar je weet wat ik bedoel: zo iemand uit het jaar 0. Nee, we hebben nu eenmaal niet de invloed van TV en winkels, die ons laten zien wat de Nederlandse mode is. En ja, ongetwijfeld zullen we ons langzaam maar zeker aanpassen aan de standaard van Lente Stad.
En dus houd ik mijn hart vast voor als we volgend jaar weer in Nederland aankomen. Zal ik me erover verbazen hoe mensen zich kleden? Een vriendin die na één jaar Lente Stad weer voor twee weken in Nederland was, verbaasde zich erover hoe belangrijk kleding en uiterlijk zijn in Nederland. Kun je nagaan hoe snel je zoiets vergeet: één jaartje!
Misschien is een total make-over wel een goed idee. Dan schrijf ik van tevoren een brief naar een vrouwenblad als Eva of Kinderen en dan kunnen zij me weer op het rechte pad zetten. Of zijn er misschien vriendinnen of familieleden die me tegen die tijd in willen lichten?
Hoe dan ook, ik heb nog bijna een jaar voordat ik me druk moet gaan maken over dat soort zaken. Voorlopig geniet ik nog even van het onbezorgd zijn en draag ik geen make-up, ga ik niet naar de kapper, vergeet ik wel eens om mijn benen te scheren en loop ik lekker op mijn slippertjes naar de markt.
maandag 14 juni 2010
Na 4 weken Thailand
Na 6 dagen conferentie en daarna nog een nachtje in Bangkok zijn we sinds vanmiddag weer terug in Lente Stad. Zoë pikte op de laatste dag van de conferentie nog even lekker een virusje op en kampte tijdens het reizen dus met hoge koorts (en wij met een huilend kind). Onze laatste nacht brachten we door in hetzelfde hotel, ja zelfs in dezelfde kamer, als waar onze reis vier weken geleden begon.
Van tevoren had ik me afgevraagd: zou 4 weken genoeg zijn om echt terug te gaan verlangen naar Lente Stad? Ja dus. We waren weer helemaal klaar met Thailand: de warmte, de luchtvochtigheid, de muggen, de airco, de paar vierkante meters die we met z'n viertjes deelden, de worstjes en eieren als ontbijt...
In de afgelopen vier weken...
... heeft Juda zijn teken-hobby verder uitgediept en tekent (naar eigen zeggen) poppetjes, engelen, vuur uit de hemel, olifanten, konijntjes, appelbomen, geheimpjes en verrassingen
... heeft Juda zich ontpopt als een gewiekste wegloper. Als je hem een paar seconden niet in de gaten houdt, kan hij zomaar onvindbaar zijn.
... is Zoë (eindelijk) voor het eerst gaan staan.
... zijn we lichamelijk niet echt tot rust gekomen, maar voelen we ons toch opgeladen omdat we er even helemaal tussenuit zijn geweest
En nu...
... moeten de kinderen weer wennen aan havermoutpap voor ontbijt en aan het slapen in hun eigen bedjes
... gaan we weer verder met de taalstudie
... proberen we het verloop van het WK-voetbal te volgen
... gaan we ons voorbereiden op de verhuizing eind augustus
Van tevoren had ik me afgevraagd: zou 4 weken genoeg zijn om echt terug te gaan verlangen naar Lente Stad? Ja dus. We waren weer helemaal klaar met Thailand: de warmte, de luchtvochtigheid, de muggen, de airco, de paar vierkante meters die we met z'n viertjes deelden, de worstjes en eieren als ontbijt...
In de afgelopen vier weken...
... heeft Juda zijn teken-hobby verder uitgediept en tekent (naar eigen zeggen) poppetjes, engelen, vuur uit de hemel, olifanten, konijntjes, appelbomen, geheimpjes en verrassingen
... heeft Juda zich ontpopt als een gewiekste wegloper. Als je hem een paar seconden niet in de gaten houdt, kan hij zomaar onvindbaar zijn.
... is Zoë (eindelijk) voor het eerst gaan staan.
... zijn we lichamelijk niet echt tot rust gekomen, maar voelen we ons toch opgeladen omdat we er even helemaal tussenuit zijn geweest
En nu...
... moeten de kinderen weer wennen aan havermoutpap voor ontbijt en aan het slapen in hun eigen bedjes
... gaan we weer verder met de taalstudie
... proberen we het verloop van het WK-voetbal te volgen
... gaan we ons voorbereiden op de verhuizing eind augustus
maandag 7 juni 2010
28
Vorige week schreef ik dat onze tijd op Koh Chang erop zat, maar dat betekent niet dat we al terug zijn in Lente Stad. Vorige week maandag pakten we de nachttrein van Bangkok naar Chiang Mai. Het was niet de eerste keer dat we als gezin de nachttrein namen en na alle vorige keren had ik tegen mezelf gezegd: “Dit nooit meer”, want je mist gewoon een nacht slaap. Maar gedreven door Nederlandse zuinigheid (de trein is nu eenmaal goedkoper dan het vliegtuig) zwichten we iedere keer weer voor deze optie. En dus deelde Robin opnieuw een 70 cm breed bed met Juda en ik een net zo breed bed met Zoë. Voor de kinderen geen probleem, maar wij slapen allebei slecht als we op het randje liggen en ons niet kunnen omdraaien.
En zo werd op dinsdag 1 juni mijn 28e levensjaar ingeluid. Ik had weinig verwachtingen van deze dag, alweer de vierde verjaardag op rij in het buitenland. Vorige week op Koh Chang had ik van Robin al een verjaardagscadeau gehad: een cursus Thais koken. Geweldig! Niet alleen houd ik van koken, maar ook van de Thaise keuken. Een perfecte combi dus.
Om 9 uur ’s ochtends arriveerde de trein in Chiang Mai, om 10 uur hadden Robin en ik een afspraak bij de tandarts (hoezo strakke planning?). Snel dus naar het hotel, koffers in de kamer zetten, brommertje huren, campingbedje opzetten, onze vrienden (die in hetzelfde hotel verbleven) instructies geven voor de kinderen. Om vijf voor tien zaten Robin en ik samen op de brommer op weg naar de tandarts. ‘s Middags haalden we een cadeaupakket en wat post op van ons postadres en ’s avonds gingen we met z’n allen uit eten bij mijn favoriete restaurant: Jerusalem Falafel, waar de Joodse eigenaresse ons nog herkende van vorig jaar. Toen de kinderen eenmaal op bed lagen, vertelde Robin dat hij een verrassing voor me had en nam me mee naar de bioscoop, waar we de film Robin Hood keken. Om half één ’s nachts waren we weer thuis. Ondanks de vermoeiende treinreis en het tandartsbezoek, was het toch nog een feestelijke dag geworden!
De rest van de week stond voornamelijk in het teken van medische zaken, zoals twee bezoekjes aan de tandarts en een aantal ritjes naar het ziekenhuis en de dokter voor routine-onderzoeken en vaccinaties. We zijn erg te spreken over de Thaise gezondheidszorg: de service is goed, de prijzen zijn laag (erg belangrijk aangezien we geen verzekering hebben) en de doktoren spreken goed Engels. Wachtlijsten of afspraken bestaan niet: je loopt gewoon het ziekenhuis in en zegt wat je wilt. Je bent meteen aan de beurt en op de uitslag van een onderzoek kun je gewoon wachten.
Gelukkig had Robin nog wel de mogelijkheid om twee keer zijn golf-hobby te beoefenen. Deze hobby is alleen in Thailand voor ons betaalbaar, waar je 5 Euro betaalt voor 9 holes. Dus één keer per jaar kan Robin samen met vrienden een balletje slaan.
Morgen begint een 6-daagse conferentie van onze organisatie en volgende week maandag vliegen we dan eindelijk terug naar Lente Stad.
En zo werd op dinsdag 1 juni mijn 28e levensjaar ingeluid. Ik had weinig verwachtingen van deze dag, alweer de vierde verjaardag op rij in het buitenland. Vorige week op Koh Chang had ik van Robin al een verjaardagscadeau gehad: een cursus Thais koken. Geweldig! Niet alleen houd ik van koken, maar ook van de Thaise keuken. Een perfecte combi dus.
Om 9 uur ’s ochtends arriveerde de trein in Chiang Mai, om 10 uur hadden Robin en ik een afspraak bij de tandarts (hoezo strakke planning?). Snel dus naar het hotel, koffers in de kamer zetten, brommertje huren, campingbedje opzetten, onze vrienden (die in hetzelfde hotel verbleven) instructies geven voor de kinderen. Om vijf voor tien zaten Robin en ik samen op de brommer op weg naar de tandarts. ‘s Middags haalden we een cadeaupakket en wat post op van ons postadres en ’s avonds gingen we met z’n allen uit eten bij mijn favoriete restaurant: Jerusalem Falafel, waar de Joodse eigenaresse ons nog herkende van vorig jaar. Toen de kinderen eenmaal op bed lagen, vertelde Robin dat hij een verrassing voor me had en nam me mee naar de bioscoop, waar we de film Robin Hood keken. Om half één ’s nachts waren we weer thuis. Ondanks de vermoeiende treinreis en het tandartsbezoek, was het toch nog een feestelijke dag geworden!
De rest van de week stond voornamelijk in het teken van medische zaken, zoals twee bezoekjes aan de tandarts en een aantal ritjes naar het ziekenhuis en de dokter voor routine-onderzoeken en vaccinaties. We zijn erg te spreken over de Thaise gezondheidszorg: de service is goed, de prijzen zijn laag (erg belangrijk aangezien we geen verzekering hebben) en de doktoren spreken goed Engels. Wachtlijsten of afspraken bestaan niet: je loopt gewoon het ziekenhuis in en zegt wat je wilt. Je bent meteen aan de beurt en op de uitslag van een onderzoek kun je gewoon wachten.
Gelukkig had Robin nog wel de mogelijkheid om twee keer zijn golf-hobby te beoefenen. Deze hobby is alleen in Thailand voor ons betaalbaar, waar je 5 Euro betaalt voor 9 holes. Dus één keer per jaar kan Robin samen met vrienden een balletje slaan.
Morgen begint een 6-daagse conferentie van onze organisatie en volgende week maandag vliegen we dan eindelijk terug naar Lente Stad.
Abonneren op:
Posts (Atom)