Vanavond maar eens, voor het eerst sinds ons verblijf in Nederland, stamppot gemaakt. Lekker met blokjes kaas erdoor en rookworst en jus erbij. Oké ik zou er geen prijs mee hebben gewonnen, maar op zich vonden zowel Robin als ik het niet vies.
Normaal gesproken krijgen de kinderen de helft van hun vlees bij hun eten en als hun bord leeg is de andere helft. Maar Robin gooide het vanavond over een andere boeg en gaf ze allebei direct al hun vlees. "Het tweede stukje mag je pas opeten als je bord leeg is," zei hij er nog bij. Maar dat is natuurlijk de kat op het spek binden. Of beter gezegd: het kind op de worst. Natuurlijk aten ze allebei direct hun vlees op, om vervolgens zonder enige interesse naar het overgebleven hoopje stamppot rauwe andijvie met jus te blijven kijken. Nu is Juda altijd wel makkelijk te chanteren/manipuleren met een beloning (= waterijsje als toetje) en die had uiteindelijk redelijk rap zijn bord leeg. Maar Zoë hield haar kaken stijf op elkaar. Ik zei tegen Robin, die altijd naast Zoë zit: "Ga maar even aan de kant, dan zal ik haar wel even helpen." Robin nam plaats aan de andere kant van de tafel en sloeg het schouwspel geamuseerd gade.
"Oké Zoë, mondje open." Geen reactie. "Eén-nul voor Zoë," klinkt het vanuit het publiek.
"Zoë, ga je goed naar mama luisteren?" Nog geen reactie. "Twee-nul voor Zoë," vervolgt de commentator zijn verslag.
"Zoë, moet mama je even meenemen naar je kamer?" "Nee, ikke goed luisteren!"
Ja, nu komen we ergens! Maar nee hoor, het mondje blijft toch stijf dicht. Drie-nul.
Als ouder moet je natuurlijk consequent zijn en doen wat je zegt en dus sjor ik Zoë uit haar kinderstoel en neem haar mee naar haar kamer. Na een stevige vermaning zegt Zoë dat ze goed zal luisteren en goed zal gaan eten. Maar zodra ze weer in haar kinderstoel zit, bedenkt ze zich en kijkt zwijgend uit het raam. Dochterlief heeft intussen vier punten gescoord, terwijl het scorebord van moeders nog steeds op nul staat.
"Als je je bord leeg hebt, mag je ook een ijsje." Ook de herhaaldelijk noemen van het chantagemiddel maakt geen indruk. Vijf-nul.
"Juda, wat heb jij goed je bord leeggegeten!" (volgens Robin een niet-toegestane vergelijking, maar volgens mezelf gewoon een legitieme observatie). Hiermee komt de tussenstand op zes-nul.
Robin vindt het natuurlijk schitterend dat het mij ook niet lukt om er zelfs maar één hap in te krijgen bij onze puber-peuter.
Maar de strijd is wat mij betreft nog niet gestreden.
"Zoë, wil je nóg een keer mee naar je kamer?" En opnieuw til ik haar uit haar kinderstoel en spreek haar op haar kamer stevig toe, waarna ze beterschap belooft. Mooi niet dus. Zeven-nul.
Ik voel dat ik afsteven op een nederlaag.
"Oké Zoë, drie happen dan." Acht-nul.
"Nou, als het eten zó gaat, dan wordt er voortaan niet meer gesnoept." Negen-nul.
Hoe we uiteindelijk bij tien-nul zijn gekomen weet ik niet meer, maar natuurlijk moest ik het onderspit delven en bleef het prakje onaangeroerd.
Robin en ik kijken elkaar aan en schieten in de lach, terwijl ik toch ook wel tranen van frustratie in m'n ogen krijg. Als we de voorgaande 10 minuten hadden gefilmd, was het mooi materiaal geweest voor The Nanny of Schatjes, om te laten zien hoe het niet moet. Juda vraagt waarom papa en mama zo moeten lachen en Robin antwoordt: "Omdat papa en mama zo houden van opvoeden."
Robin kijkt Zoë serieus aan en zegt: "Jij, jongedame," er klinkt een dreigende stilte, "bent vanavond het onderwerp van mama's blog."
Gelukkig maakte het (opnieuw) zien van dit youtube-filmpje mijn avond weer goed, want wat is er mooier dan het moederschap?
dinsdag 25 oktober 2011
dinsdag 18 oktober 2011
Spitsuur met drie kinderen
"Oké jongens, papa gaat nu weg en dat betekent dat mama er alleen voor staat. Jullie moeten dus goed naar mama luisteren en mama goed helpen. Afgesproken?" Terwijl ik het mezelf hoor zeggen, denk ik: andere moeders in mijn vriendenkring zouden me eens moeten horen. Ze zouden zeggen: "Dus je staat er een dagje alleen voor met de kinderen? So what? Dat is voor mij dagelijkse realiteit!" of "Dus je moet twee kinderen naar bed brengen terwijl nummer drie op de achtergrond ligt te huilen? Ja en?"
Hoewel we qua opvoeding best een aantal dingen moeten opgeven door het 'beroep' dat we gekozen hebben, hebben we één ding mee: Robin is er vrijwel altijd tijdens de spitsuur-momenten. Toen Robin in Vrede Stad Engelse les gaf, ging hij pas na het ontbijt weg, was voor de lunch weer terug en aan het eind van de middag was hij ook weer terug voordat ik begon met koken. En ook nu in Nederland is Robin veel thuis en kookt hij vaak, neemt vaak de zorg voor Juda en Zoë op zich of loopt met een onrustige Salomé op zijn arm (die overigens de hele dag slaapt, alleen tussen 17.00 en 20.00 een paar onrustige uurtjes heeft). Een luxepositie dus. En regelmatig denk ik: hoe doen andere moeders dat dan? Als je een pasgeboren baby hebt en er zijn kinderen die naar school gebracht moeten worden? Of als er gekookt moet worden terwijl er een kind ligt te blèren? Of als je je kind zit te voeden en een peuter roept dat haar billen afgeveegd moeten worden? Het is me een raadsel. Dus ik heb wel makkelijk praten als ik zeg: "Zo'n derde doe je er effe bij," want in feite ben ik natuurlijk hartstikke verwend met zo'n man die vaak thuis is.
Zaterdag zat ik een beetje te mopperen op Robin die al voor de TWEEDE keer een basketbalwedstrijd tijdens het avond-spitsuur moest spelen. Moest ik alwéér (waarschijnlijk de derde keer sinds Salomé's geboorte) de kinderen alleen naar bed brengen terwijl Salomé lag te jammeren. Daar zat ik weer met m'n pity-party (zelfmedelijden-feestje). Volledig onterecht natuurlijk.
En voor de vrouwen van wie de mannen regelmatig laat thuis zijn of zelfs op reis zijn: ik heb diep respect en bewondering voor jullie. Het is geen makkie!
Hoewel we qua opvoeding best een aantal dingen moeten opgeven door het 'beroep' dat we gekozen hebben, hebben we één ding mee: Robin is er vrijwel altijd tijdens de spitsuur-momenten. Toen Robin in Vrede Stad Engelse les gaf, ging hij pas na het ontbijt weg, was voor de lunch weer terug en aan het eind van de middag was hij ook weer terug voordat ik begon met koken. En ook nu in Nederland is Robin veel thuis en kookt hij vaak, neemt vaak de zorg voor Juda en Zoë op zich of loopt met een onrustige Salomé op zijn arm (die overigens de hele dag slaapt, alleen tussen 17.00 en 20.00 een paar onrustige uurtjes heeft). Een luxepositie dus. En regelmatig denk ik: hoe doen andere moeders dat dan? Als je een pasgeboren baby hebt en er zijn kinderen die naar school gebracht moeten worden? Of als er gekookt moet worden terwijl er een kind ligt te blèren? Of als je je kind zit te voeden en een peuter roept dat haar billen afgeveegd moeten worden? Het is me een raadsel. Dus ik heb wel makkelijk praten als ik zeg: "Zo'n derde doe je er effe bij," want in feite ben ik natuurlijk hartstikke verwend met zo'n man die vaak thuis is.
Zaterdag zat ik een beetje te mopperen op Robin die al voor de TWEEDE keer een basketbalwedstrijd tijdens het avond-spitsuur moest spelen. Moest ik alwéér (waarschijnlijk de derde keer sinds Salomé's geboorte) de kinderen alleen naar bed brengen terwijl Salomé lag te jammeren. Daar zat ik weer met m'n pity-party (zelfmedelijden-feestje). Volledig onterecht natuurlijk.
En voor de vrouwen van wie de mannen regelmatig laat thuis zijn of zelfs op reis zijn: ik heb diep respect en bewondering voor jullie. Het is geen makkie!
dinsdag 11 oktober 2011
Hoe het afliep
Eerder dit jaar schreef ik al twee keer over een vriendin van mij die in hetzelfde land woont als ons (zie de stukjes Gedeelde smart is halve smart en Het verhaal gaat verder). Onze oudste kinderen (allebei jongens) schelen drie weken, onze tweede kinderen (allebei meisjes) werden ook drie weken na elkaar geboren. Zelfs onze miskramen vonden bijna vier weken na elkaar plaats en nu werd haar zoontje Boaz drie weken na onze dochter Salomé geboren. Toen ze ons belden en ons vertelden dat ze hun kindje Boaz hadden genoemd, schoot ik in de lach en zei: "Het is maar goed dat wij geen jongetje hebben gekregen, anders hadden jullie op zoek gemoeten naar een andere naam, want wij hadden ook Boaz als jongensnaam!" Over toeval gesproken...
Dan nog even een update over ons wel-en-wee. Op dit moment zijn de drie meest-gestelde vragen: "Hoe gaat het met Salomé?", "Kom je 's nachts nog een beetje aan je rust toe?" en "Hoe vindt Juda het op school?"
Dan nu de antwoorden.
Salomé is een heerlijk rustig kind. Soms denk ik echt van: is dit wel normaal? Want met de andere twee had ik heel andere ervaringen. Ze slaapt veel, huilt weinig en kan prima alleen in de box liggen. Geen kind aan dus. Ook 's nachts slaapt ze als een blok. Ze komt halverwege de nacht nog wel een keer om een voeding, maar daarna kan ik haar weer zo terugleggen en slaapt ze weer verder. Op die manier word ik zelf ook nog wel redelijk uitgerust wakker 's ochtends.
En dan Juda. Die bloeit helemaal op op school en zit daar echt op z'n plek. Hij is veel socialer en vrolijker geworden sinds hij naar school gaat. Ook voor ons genieten dus.
Nou ja, als ik het toch over Salomé en Juda heb, dan ook nog maar even over Zoë. Een eigenwijze, dwarse peuterpuber, maar toch ook heel lief en schattig. Wat betreft zindelijkheid heb ik inderdaad te vroeg gejuicht: na de geboorte van Salomé is ze weer in haar broek gaan plassen. Ik had het ook wel kunnen weten, want dat soort terugvallen hebben we ook vaak bij Juda gezien. Geduld, geduld, geduld. Als ze achttien is zal ze vast niet meer in haar broek plassen.
Tenslotte dan nog Robin. Die is weer begonnen met basketballen en kon zich zo weer aansluiten bij zijn oude team. Dus die traint twee avonden in de week en speelt in het weekend vaak een wedstrijd.
En ik? Ik ben druk met voeden, huishouden, boodschappen en hoop in de loop van deze week eindelijk weer eens een nieuwsbrief de (elektronische) deur uit te doen. Maar voor de trouwe lezers van mijn blog zal daar helaas weinig nieuws in staan...
Dan nog even een update over ons wel-en-wee. Op dit moment zijn de drie meest-gestelde vragen: "Hoe gaat het met Salomé?", "Kom je 's nachts nog een beetje aan je rust toe?" en "Hoe vindt Juda het op school?"
Dan nu de antwoorden.
Salomé is een heerlijk rustig kind. Soms denk ik echt van: is dit wel normaal? Want met de andere twee had ik heel andere ervaringen. Ze slaapt veel, huilt weinig en kan prima alleen in de box liggen. Geen kind aan dus. Ook 's nachts slaapt ze als een blok. Ze komt halverwege de nacht nog wel een keer om een voeding, maar daarna kan ik haar weer zo terugleggen en slaapt ze weer verder. Op die manier word ik zelf ook nog wel redelijk uitgerust wakker 's ochtends.
En dan Juda. Die bloeit helemaal op op school en zit daar echt op z'n plek. Hij is veel socialer en vrolijker geworden sinds hij naar school gaat. Ook voor ons genieten dus.
Nou ja, als ik het toch over Salomé en Juda heb, dan ook nog maar even over Zoë. Een eigenwijze, dwarse peuterpuber, maar toch ook heel lief en schattig. Wat betreft zindelijkheid heb ik inderdaad te vroeg gejuicht: na de geboorte van Salomé is ze weer in haar broek gaan plassen. Ik had het ook wel kunnen weten, want dat soort terugvallen hebben we ook vaak bij Juda gezien. Geduld, geduld, geduld. Als ze achttien is zal ze vast niet meer in haar broek plassen.
Tenslotte dan nog Robin. Die is weer begonnen met basketballen en kon zich zo weer aansluiten bij zijn oude team. Dus die traint twee avonden in de week en speelt in het weekend vaak een wedstrijd.
En ik? Ik ben druk met voeden, huishouden, boodschappen en hoop in de loop van deze week eindelijk weer eens een nieuwsbrief de (elektronische) deur uit te doen. Maar voor de trouwe lezers van mijn blog zal daar helaas weinig nieuws in staan...
dinsdag 4 oktober 2011
Schoolplein
Had ik al eens geschreven dat ik een introvert ben? Volgens mij wel, maar misschien ook wel niet. Anyway, zo ben ik geboren en zo zal ik waarschijnlijk ook dood gaan. Hoe vaak heb ik in het verleden wel niet gewild dat dit anders was, heb ik gebeden dat ik wat meer extravert mocht worden. Want op school gold: de meisjes die het hardst schreeuwden, waren het populairst. Ik dacht: extraverte mensen hebben de toekomst, als introvert kom je nergens. Gelukkig heb ik ermee leren leven en heb ik het geaccepteerd. Sterker nog, ik heb het leren zien als toch wel een hele waardevolle eigenschap. Introverte mensen hebben niet mindere kwaliteiten dan extraverten, maar andere.
Maar het belangrijkste is dat ik weet dat God me zo gemaakt heeft en dat Hij daarmee een doel had. Niet om ermee te leren leven, maar om ermee tot bloei te komen. Hij wil dat ik het onderste uit de pan haal van deze eigenschap, dat ik het ten volle benut en dat ik anderen ermee tot zegen ben. Hoe? Misschien wel door mensen een luisterend oor te bieden, misschien wel door mensen een moment van rust en stilte te bieden, misschien wel door het schrijven van deze blog (want in mijn eentje achter de computer zitten gaat me nu eenmaal makkelijker af dan me onder de mensen begeven), misschien wel door voor mensen te bidden, misschien wel door het schrijven van e-mails en waarschijnlijk op nog heel veel meer manieren die ik nu niet zie.
Waarom ik dit stukje nou 'schoolplein' genoemd heb? Nou, omdat ik het schoolplein op het moment een best wel vervelende plaats vind. Regelmatig haal ik Juda op van school, deels om Robin te ontzien, deels om de extra pondjes rond mijn buik en heupen eraf te fietsen, maar vooral om die superblije blik van Juda te zien zodra hij me op het schoolplein gespot heeft en om te zien hoe enthousiast hij dan op me afrent. That makes my day. Maar de minuten die daaraan voorafgaan vind ik echt zenuwslopend. Ik ken nog geen van de andere moeders en weet ook niet welke moeders een kind in Juda's klas hebben. Om me heen zie ik overal groepjes moeders kletsen en gezellig doen, terwijl ik daar sta en mezelf onzichtbaar probeer te maken. Bah, bah, bah. Ik weet dat deze periode tijdelijk is en dat zodra ik wat vaker m'n gezicht laat zien op school, ik ook meer mensen zal leren kennen en binnen de kortste keren ook gezellig mee sta te kletsen. Maar vooralsnog sta ik nog even in gedachten op mezelf te schelden: stomme introvert.
Onee, niet stom , waardevol.
Maar het belangrijkste is dat ik weet dat God me zo gemaakt heeft en dat Hij daarmee een doel had. Niet om ermee te leren leven, maar om ermee tot bloei te komen. Hij wil dat ik het onderste uit de pan haal van deze eigenschap, dat ik het ten volle benut en dat ik anderen ermee tot zegen ben. Hoe? Misschien wel door mensen een luisterend oor te bieden, misschien wel door mensen een moment van rust en stilte te bieden, misschien wel door het schrijven van deze blog (want in mijn eentje achter de computer zitten gaat me nu eenmaal makkelijker af dan me onder de mensen begeven), misschien wel door voor mensen te bidden, misschien wel door het schrijven van e-mails en waarschijnlijk op nog heel veel meer manieren die ik nu niet zie.
Waarom ik dit stukje nou 'schoolplein' genoemd heb? Nou, omdat ik het schoolplein op het moment een best wel vervelende plaats vind. Regelmatig haal ik Juda op van school, deels om Robin te ontzien, deels om de extra pondjes rond mijn buik en heupen eraf te fietsen, maar vooral om die superblije blik van Juda te zien zodra hij me op het schoolplein gespot heeft en om te zien hoe enthousiast hij dan op me afrent. That makes my day. Maar de minuten die daaraan voorafgaan vind ik echt zenuwslopend. Ik ken nog geen van de andere moeders en weet ook niet welke moeders een kind in Juda's klas hebben. Om me heen zie ik overal groepjes moeders kletsen en gezellig doen, terwijl ik daar sta en mezelf onzichtbaar probeer te maken. Bah, bah, bah. Ik weet dat deze periode tijdelijk is en dat zodra ik wat vaker m'n gezicht laat zien op school, ik ook meer mensen zal leren kennen en binnen de kortste keren ook gezellig mee sta te kletsen. Maar vooralsnog sta ik nog even in gedachten op mezelf te schelden: stomme introvert.
Onee, niet stom , waardevol.
dinsdag 27 september 2011
Gewoon?
Dit is dus waar we wonen. Nee, dit is niet een foto die we maakten tijdens een verre vakantie, dit is thuis. Ik heb heel wat van de wereld gezien, maar ik vind dat er weinig plekken op de wereld zijn die zo mooi zijn als onze provincie. Maar als je de gemiddelde inwoner van Vrede Stad zou vragen of hij de omgeving mooi vindt, zou hij waarschijnlijk zijn schouders ophalen en je aankijken met zo'n blik van: wat bedoel je? Want de gemiddelde inwoner van Vrede Stad komt de stad nooit uit. En als hij al de stad uitkomt, dan misschien naar de hoofdstad van onze provincie, maar echt niet verder. Vrijwel niemand is ooit in de hoofdstad van het land geweest en nóg minder mensen hebben zich ooit over de landsgrens begeven. Waarom wij het landschap daar zo mooi vinden? Omdat we weten dat het anders en uniek is. Maar als je nooit iets anders hebt gezien, dan zul je ergens ook niet de schoonheid van in kunnen zien.
Als het nooit winter zou zijn, zouden we dan net zo veel van de zomer genieten?
Als we niet 3,5 jaar zonder hagelslag hadden gezeten, zou een boterham met deze zoete lekkernij dan net zo lekker smaken?
Als we nooit ziek zouden zijn, zouden we dan net zo dankbaar zijn voor de dagen dat we gezond zijn?
Doet de confrontatie met de dood ons niet extra genieten van elke dag van dit leven?
Doet het verlies van een kind je niet extra beseffen dat het leven een groot wonder is? Dat elke hartslag en elke ademhaling een geschenk is?
Is de schaduw niet het bewijs dat de zon schijnt?
Geniet van het gewone, want misschien kom je er ooit wel achter dat het gewone eigenlijk wel heel bijzonder was.
(geïnspireerd door de preek van Jason Upton gistermorgen)
Klik hier voor het vervolg van de fotoserie van afgelopen zomer
Als het nooit winter zou zijn, zouden we dan net zo veel van de zomer genieten?
Als we niet 3,5 jaar zonder hagelslag hadden gezeten, zou een boterham met deze zoete lekkernij dan net zo lekker smaken?
Als we nooit ziek zouden zijn, zouden we dan net zo dankbaar zijn voor de dagen dat we gezond zijn?
Doet de confrontatie met de dood ons niet extra genieten van elke dag van dit leven?
Doet het verlies van een kind je niet extra beseffen dat het leven een groot wonder is? Dat elke hartslag en elke ademhaling een geschenk is?
Is de schaduw niet het bewijs dat de zon schijnt?
Geniet van het gewone, want misschien kom je er ooit wel achter dat het gewone eigenlijk wel heel bijzonder was.
(geïnspireerd door de preek van Jason Upton gistermorgen)
Klik hier voor het vervolg van de fotoserie van afgelopen zomer
dinsdag 20 september 2011
What's in a name?
Het blijft een gek moment: de naam van je baby voor het eerst hardop uitspreken. De verpleegkundige in het ziekenhuis vroeg: "En hoe moet dit meisje gaan heten?" En met het antwoord bepaal je hoe zo'n kersverse baby misschien wel voor de komende tachtig jaar door het leven zal gaan. Salomé dus, daar moet ze het mee doen. Als je van tevoren het geslacht van je baby al weet, kun je tijdens de zwangerschap al een beetje oefenen met de naam en eraan gewend raken. Maar als het geslacht tot het moment van de geboorte nog een verrassing is, dan is het zeg maar meteen voor het echie. En als ons kind nou Emma of Sofie had geheten, dan was het misschien niet zo onwennig geweest om de naam uit te spreken. Maar hoewel wij Salomé een supermooie naam vinden, kennen we niemand die zo heet en was het voor ons in het begin dus ook best wel wennen om deze naam te gebruiken voor onze dochter.
Intussen zijn we drie weken verder en is Salomé voor ons de normaalste naam van de wereld geworden.

In eerste instantie hadden we een andere naam voor onze baby en Salomé als tweede naam. Maar een paar weken voor de bevalling zijn we toch nog geswitcht. Naast dat we de naam op zich heel mooi vinden, hebben we hem ook gekozen vanwege de betekenis, die varieert van 'vrede' tot 'vrede van Sion' tot 'de vreedzame'. Hoe het ook zij, het heeft in ieder geval iets met vrede (shalom) te maken. In de Bijbel is Salome één van de vrouwen die Jezus tijdens zijn reizen door Galilea volgden en voor hem zorgden. Zij was aanwezig bij de kruisiging en was, samen met de twee Maria's, de eerste die het lege graf op zondagmorgen ontdekte. Verondersteld wordt dat de dochter van koning Herodes ook Salome heette en dat zij degene was die vroeg om de onthoofding van Johannes de Doper. Hmm... niet zo'n fijne associatie. Wij denken liever aan de trouwe volgelinge van Jezus dan aan deze wrede prinses (die in de Bijbel niet eens bij naam genoemd wordt).
Daarnaast is Salomé ook nog de naam van een Noord-Franse gemeente, van een Zwitsers druivenras, van een helikopter in Aviodrome, van een tijdschrift dat niet meer bestaat en van een narcissensoort.
En voor de getallen-freaks onder ons: in 2010 werd in Nederland de naam Salomé (soms anders gespeld) 20 keer aan een meisje gegeven (bron: www.svb.nl). In totaal lopen er op dit moment in Nederland zo'n 260 vrouwen/meisjes rond die als eerste naam Salomé hebben (bron: www.meertens.knaw.nl).
Intussen zijn we drie weken verder en is Salomé voor ons de normaalste naam van de wereld geworden.

Daarnaast is Salomé ook nog de naam van een Noord-Franse gemeente, van een Zwitsers druivenras, van een helikopter in Aviodrome, van een tijdschrift dat niet meer bestaat en van een narcissensoort.
En voor de getallen-freaks onder ons: in 2010 werd in Nederland de naam Salomé (soms anders gespeld) 20 keer aan een meisje gegeven (bron: www.svb.nl). In totaal lopen er op dit moment in Nederland zo'n 260 vrouwen/meisjes rond die als eerste naam Salomé hebben (bron: www.meertens.knaw.nl).
dinsdag 13 september 2011
Verloren onschuld
In Vrede Stad kunnen we onze kinderen heerlijk beschermd opvoeden. Het enige Nederlands dat ze horen is van ons en het enige Engels dat ze horen is van onze gelijkgezinde vrienden. Totdat we naar Nederland kwamen was lelijk en vies taalgebruik onze kinderen dus vreemd. Het duurde niet lang of Juda hoorde een jongetje tegen zijn broertje zeggen: "Jij bent stom!"; een zin die nog lang bleef hangen en duidelijk indruk op hem maakte. En hoewel je weet dat het onvermijdelijk is, schrik je toch wel een beetje als je kleuter voor het eerst tegen je zegt: "Jij bent stom!"
En na de eerste twee weken school lijkt het hek van de dam: elke zin lijkt te beginnen met 'poep', halverwege horen we 'scheet' en aan het eind komt 'plas'. En ondertussen ligt Juda onder zijn stoel van het lachen. Dit is overdreven natuurlijk, maar de poep-en-plas-grapjes hebben hun intrede gedaan in Huize Weltevree. Ook het woord 'stommerik' wordt te pas en te onpas gebruikt en ineens is ALLES wat op tafel komt vies. Heel irritant, want Juda was altijd een prima eter.
Tijdens de eerste schooldag was er op school al een oudere leerling geweest die tegen Juda had gezegd dat hij niet mocht plassen op de WC en hij had ook nog expres het licht uitgedaan en Juda in een donkere WC achtergelaten. Een beetje pech, zo op je eerste schooldag. Afgelopen week had een leerling uit een andere klas aan Juda gevraagd: "Hoe heet je?" Toen Juda zijn naam had gezegd, had het jongetje gezegd dat het een stomme naam was. Arme jongen. Het liefst zou ik dat gevoelige en kwetsbare kinderhart beschermen tegen alle gemene mensen (en kinderen) op deze wereld, maar dat kan ik niet. Dan maar ervoor zorgen dat we onze kinderen hier thuis zoveel liefde en bevestiging meegeven, dat ze daarbuiten in die 'gemene' wereld tegen een stootje zullen kunnen.
Loslaten: pffff... moeilijk hoor.
Klik hier voor een aantal al wat oudere foto's van de afgelopen zomer
En na de eerste twee weken school lijkt het hek van de dam: elke zin lijkt te beginnen met 'poep', halverwege horen we 'scheet' en aan het eind komt 'plas'. En ondertussen ligt Juda onder zijn stoel van het lachen. Dit is overdreven natuurlijk, maar de poep-en-plas-grapjes hebben hun intrede gedaan in Huize Weltevree. Ook het woord 'stommerik' wordt te pas en te onpas gebruikt en ineens is ALLES wat op tafel komt vies. Heel irritant, want Juda was altijd een prima eter.
Tijdens de eerste schooldag was er op school al een oudere leerling geweest die tegen Juda had gezegd dat hij niet mocht plassen op de WC en hij had ook nog expres het licht uitgedaan en Juda in een donkere WC achtergelaten. Een beetje pech, zo op je eerste schooldag. Afgelopen week had een leerling uit een andere klas aan Juda gevraagd: "Hoe heet je?" Toen Juda zijn naam had gezegd, had het jongetje gezegd dat het een stomme naam was. Arme jongen. Het liefst zou ik dat gevoelige en kwetsbare kinderhart beschermen tegen alle gemene mensen (en kinderen) op deze wereld, maar dat kan ik niet. Dan maar ervoor zorgen dat we onze kinderen hier thuis zoveel liefde en bevestiging meegeven, dat ze daarbuiten in die 'gemene' wereld tegen een stootje zullen kunnen.
Loslaten: pffff... moeilijk hoor.
Klik hier voor een aantal al wat oudere foto's van de afgelopen zomer
dinsdag 6 september 2011
Kraamweek
Drie kinderen, die keer een kraamtijd. De eerste weken na de geboorte van Juda ervoer ik echt als een gekkenhuis. Ik zat zeker op een wolk, maar of die roze was? Borstvoeding wilde niet lukken en we kwamen om in de kraamvisite. De kraamtijd van Zoë daarentegen was juist superrustig, maar vond ik emotioneel gezien daarom erg moeilijk en eenzaam. We zaten in een kleine Thaise houten paalwoning, tijdens de warmste periode van het jaar.
En nu? Nu vind ik het allemaal goed te behappen. Juda gaat naar school, Zoë gaat twee ochtenden per week naar de peuterspeelzaal, Salomé slaapt bijna de hele dag en de borstvoeding gaat prima. Het huisje waarin we wonen is zo klein dat de kraamverzorgster binnen no-time klaar is met schoonmaken en ze hoeft mij ook niks meer te vertellen over luiers verschonen, badderen, borstvoeding, etc. De afgelopen week viel de hoeveelheid kraamvisite heel erg mee (misschien is een derde al niet meer zo interessant?) en dus wist de kraamverzorgster vaak van ellende niet wat ze moest doen. We maken dan ook niet gebruik van het aantal geïndiceerde uren kraamzorg, want er bestaat ook nog zoiets als een eigen bijdrage.
Ik vond het allemaal zó goed gaan, dat we besloten om het geplande kinderfeestje van Juda gistermiddag maar gewoon door te laten gaan. Op zaterdagmorgen was Juda al flink verwend door de opa's en oma's en gistermiddag om drie uur stonden twee vriendjes en één vriendinnetje samen met hun ouders op de stoep om Juda's verjaardag te vieren. Na de taart en cadeautjes gingen de kinderen samen met de vaders het bos in om aan de hand van een schatkaart de schat te zoeken. Ze waren zó enthousiast. Zoiets simpels, maar toch zó leuk! Nadat de schat was gevonden, keerde iedereen terug naar ons huisje om nog lekker patat met bitterballen te eten en zodoende was Juda's kinderfeestje heel eenvoudig, maar toch heel geslaagd en was Juda een tevreden mens.
Klik hier voor een aantal nieuwe foto's
En nu? Nu vind ik het allemaal goed te behappen. Juda gaat naar school, Zoë gaat twee ochtenden per week naar de peuterspeelzaal, Salomé slaapt bijna de hele dag en de borstvoeding gaat prima. Het huisje waarin we wonen is zo klein dat de kraamverzorgster binnen no-time klaar is met schoonmaken en ze hoeft mij ook niks meer te vertellen over luiers verschonen, badderen, borstvoeding, etc. De afgelopen week viel de hoeveelheid kraamvisite heel erg mee (misschien is een derde al niet meer zo interessant?) en dus wist de kraamverzorgster vaak van ellende niet wat ze moest doen. We maken dan ook niet gebruik van het aantal geïndiceerde uren kraamzorg, want er bestaat ook nog zoiets als een eigen bijdrage.
Ik vond het allemaal zó goed gaan, dat we besloten om het geplande kinderfeestje van Juda gistermiddag maar gewoon door te laten gaan. Op zaterdagmorgen was Juda al flink verwend door de opa's en oma's en gistermiddag om drie uur stonden twee vriendjes en één vriendinnetje samen met hun ouders op de stoep om Juda's verjaardag te vieren. Na de taart en cadeautjes gingen de kinderen samen met de vaders het bos in om aan de hand van een schatkaart de schat te zoeken. Ze waren zó enthousiast. Zoiets simpels, maar toch zó leuk! Nadat de schat was gevonden, keerde iedereen terug naar ons huisje om nog lekker patat met bitterballen te eten en zodoende was Juda's kinderfeestje heel eenvoudig, maar toch heel geslaagd en was Juda een tevreden mens.
Klik hier voor een aantal nieuwe foto's
zaterdag 3 september 2011
De bevalling
Maandagavond zat ik met een vriendin thee te drinken en we hadden het er nog over hoe bizar het eigenlijk is dat de komst van een baby (meestal) zo onverwachts is. Ik zei nog gekscherend: "Ja, misschien heb ik morgen wel een kind."
En jawel, de volgende ochtend om een uur of acht voelde ik de eerste wee en drie kwartier later kwamen ze al om de vijf minuten. Toen om kwart over negen een vriendin de kinderen kwam halen en de verloskundige op de stoep stond, waren mijn vliezen al gebroken, kwamen de weeën om de 3 minuten en had ik al 5 a 6 centimeter ontsluiting. Dat gaat geen uur meer duren, dacht de verloskundige en alles werd snel klaargezet en de kraamverzorgster werd gebeld. Terwijl Robin gezellig met de verloskundige en de kraamverzorgster zat te keuvelen aan de keukentafel, zuchtte ik in de slaapkamer wee na wee weg. Maar het ging allemaal niet zo vlot als in eerste instantie was verwacht en om twaalf uur besloot de verloskundige dat we toch maar naar het ziekenhuis zouden rijden, omdat ik pas acht centimeter ontsluiting had. Dat was geen prettig ritje, ook al duurde het maar tien minuten. Spoorbomen ook nog dicht; ik wist niet meer hoe ik het had. Om half één lag ik op de verloskamer in het ziekenhuis van Harderwijk en werd de procedure uitgelegd: infuus erin, banden om mijn buik, hartslagmeter op het hoofdje van de baby..... Waarschijnlijk schrokken deze dingen mij zo af, dat ik dacht: ja dag, dat trek ik niet. En spontaan had ik persdrang en binnen een paar minuten werd ons meisje geboren, gelukkig zonder medische poes-pas dus.
Een meisje dus. Tegen al mijn verwachtingen in. Ik had tegen iedereen zitten verkondigen dat ik bijna zeker wist dat het een jongetje was. Vooral omdat de verloskundige van tevoren al had ingeschat dat het geen kleintje zou zijn, maar ook omdat ik m'n buik weer helemaal naar voren droeg. Wat een verrassing toen de verloskundige zei: "Goed gedaan, meisje!" (ik dacht nog even dat ze het tegen mij had). Maar een meisje was natuurlijk net zo goed welkom en we zijn er net zo blij mee.
Diezelfde middag waren we om kwart over vier alweer thuis en zat de kraamverzorgster al voor de deur te wachten. Het toeval wil dat we dezelfde kraamverzorgster hebben als vier jaar geleden bij Juda, dus we hoefden niet echt te wennen aan elkaar.
Het voelt een beetje alsof de baby tussen de bedrijven doorkomt. Juda is aan het wennen op school en viert dit weekend zijn verjaardag. Zoë is ook net voor het eerst naar de peuterspeelzaal geweest en is al sinds afgelopen weekend een beetje ziek en erg verkouden. Voor de kinderen is het dus heel wat, zoveel nieuwe en vreemde situaties. Maar ze zijn gek op hun zusje en vooral Zoë is niet bij haar weg te slaan. De spanningen reageren ze gelukkig op ons af en niet op de baby :-)
En jawel, de volgende ochtend om een uur of acht voelde ik de eerste wee en drie kwartier later kwamen ze al om de vijf minuten. Toen om kwart over negen een vriendin de kinderen kwam halen en de verloskundige op de stoep stond, waren mijn vliezen al gebroken, kwamen de weeën om de 3 minuten en had ik al 5 a 6 centimeter ontsluiting. Dat gaat geen uur meer duren, dacht de verloskundige en alles werd snel klaargezet en de kraamverzorgster werd gebeld. Terwijl Robin gezellig met de verloskundige en de kraamverzorgster zat te keuvelen aan de keukentafel, zuchtte ik in de slaapkamer wee na wee weg. Maar het ging allemaal niet zo vlot als in eerste instantie was verwacht en om twaalf uur besloot de verloskundige dat we toch maar naar het ziekenhuis zouden rijden, omdat ik pas acht centimeter ontsluiting had. Dat was geen prettig ritje, ook al duurde het maar tien minuten. Spoorbomen ook nog dicht; ik wist niet meer hoe ik het had. Om half één lag ik op de verloskamer in het ziekenhuis van Harderwijk en werd de procedure uitgelegd: infuus erin, banden om mijn buik, hartslagmeter op het hoofdje van de baby..... Waarschijnlijk schrokken deze dingen mij zo af, dat ik dacht: ja dag, dat trek ik niet. En spontaan had ik persdrang en binnen een paar minuten werd ons meisje geboren, gelukkig zonder medische poes-pas dus.
Een meisje dus. Tegen al mijn verwachtingen in. Ik had tegen iedereen zitten verkondigen dat ik bijna zeker wist dat het een jongetje was. Vooral omdat de verloskundige van tevoren al had ingeschat dat het geen kleintje zou zijn, maar ook omdat ik m'n buik weer helemaal naar voren droeg. Wat een verrassing toen de verloskundige zei: "Goed gedaan, meisje!" (ik dacht nog even dat ze het tegen mij had). Maar een meisje was natuurlijk net zo goed welkom en we zijn er net zo blij mee.
Diezelfde middag waren we om kwart over vier alweer thuis en zat de kraamverzorgster al voor de deur te wachten. Het toeval wil dat we dezelfde kraamverzorgster hebben als vier jaar geleden bij Juda, dus we hoefden niet echt te wennen aan elkaar.
Het voelt een beetje alsof de baby tussen de bedrijven doorkomt. Juda is aan het wennen op school en viert dit weekend zijn verjaardag. Zoë is ook net voor het eerst naar de peuterspeelzaal geweest en is al sinds afgelopen weekend een beetje ziek en erg verkouden. Voor de kinderen is het dus heel wat, zoveel nieuwe en vreemde situaties. Maar ze zijn gek op hun zusje en vooral Zoë is niet bij haar weg te slaan. De spanningen reageren ze gelukkig op ons af en niet op de baby :-)
donderdag 1 september 2011
Salomé
38 weken en 1 dag: ik had niet verbaasd moeten zijn, maar toch kwam het voor m'n gevoel nog als een donderslag bij heldere hemel. Op dinsdag 30 augustus is onze dochter Salomé Abigail geboren om 13.00 uur 's middags in het ziekenhuis van Harderwijk. Ze woog bij de geboorte 3640 gram en is gelukkig helemaal gezond en zó mooi (zoals elke kersverse ouder van zijn pasgeboren baby zegt).
Het uitgebreide bevallingsverhaal volgt later (voor de liefhebbers), maar foto's kun je hier al wel bekijken.
Het uitgebreide bevallingsverhaal volgt later (voor de liefhebbers), maar foto's kun je hier al wel bekijken.
Abonneren op:
Posts (Atom)
